Meer werelden; één architectuur

Laten we het niet ingewikkelder maken dan het is; werken onder architectuur kan op de achterkant van een sigarendoos. Werken onder architectuur betekent immers niet meer dan dat de werkwijze van de organisatie wordt vastgelegd en beheerd. Daardoor geeft architectuur inzicht in de samenhang tussen processen (welke activiteiten in welke volgorde), organisatie (wie voert de activiteiten uit) en informatie (waarmee voeren we die activiteiten uit). Dit inzicht is nodig om de inrichting flexibel aan te passen aan veranderde omstandigheden.

Werken onder architectuur wordt veelal geassocieerd met ICT. Echter, het bestaat al langer dan ICT en bestrijkt ook een veel breder terrein. Het gaat over ‘hoe organiseren we’ – daar dacht Max Weber in de 19e eeuw al over na. In essentie is de Administratieve Organisatie ook een onderdeel van werken onder architectuur. Werken onder architectuur is daarmee niet meer dan de nieuwe benaming voor het ‘werken aan de inrichting van de organisatie’.

Informatiemanagers, kwaliteitsmanagers, procesmanagers, risicomanagers, resource managers en andere ‘managers van functionaliteit’ werken in meer of mindere mate onder architectuur. Echter veelal ieder voor hun eigen vakgebied. De uitdaging is om integratie aan te brengen. Voor veel organisaties is dit nieuw. De verschillende ‘managers van functionaliteit’ dienen gezamenlijk te werken onder dezelfde architectuur.

Het rendement van het werken onder architectuur wordt niet alleen vergroot door een integrale benadering maar ook door een goede verbinding met de business. Een gevaar is dat het anders een doel op zich wordt en niet meer is dan een documentatie van de werkelijkheid.

De kunst is om het om te draaien. Wat vertelt het inzicht in de organisatie inrichting, ons over de mogelijkheden die de business heeft om nog beter (minder kosten, meer kwaliteit) te presteren? Daarmee is werken onder architectuur in één keer onderwerp op de agenda van het management team. Hoe krijg je dat voor elkaar? Veel architecturen zijn compleet maar stoten af door de detaillering. Voor de discussie in het management hebben we mogelijk andere grafische inzichten nodig. De kunst is om een ‘jip en janneke’ architectuur te creëren die de discussie over de gewenste inrichting faciliteert.Tegelijkertijd dient er voldoende kennis te zijn binnen het MT over inrichtingsvraagstukken. Een MT lid moet bijvoorbeeld begrijpen wat workflow management is en hoe dit de organisatie kan helpen om beter te presteren.

De medewerkers die werken aan de architectuur moeten ook in staat zijn om de inrichtingsprincipes in business termen te vertalen en op de MT tafel te positioneren. Indien bijvoorbeeld wordt gesproken over het inrichten van dienstverleningsprocessen, dient de vraag gesteld te worden: wat is uw klant benadering? Wij weten wat goed voor u is, of u vraagt wij draaien? Uiteindelijk is het antwoord op deze vraag richtinggevend voor de inrichting van de organisatie en daarmee voor de architectuur. Kortom, werken onder architectuur vraagt om de vaardigheid van de architecten om samen met de klant vast te stellen hoe het morgen nog beter kan dan vandaag. Daarbij dient de architect in de huid van de business kruipen en de business dient basale kennis te hebben over functionaliteiten voor de inrichting van de organisatie. Het mag duidelijk zijn dat het daarbij verstandig is om andere instrumenten in te zetten dan de achterkant van een sigarendoos.


 
Home  

Terug

Share

De Week van Kwaliteitsmanagement is het platform van en voor proces- en kwaliteitsprofessionals. De meest recente editie vond plaats van 7 t/m 11 oktober 2013

Deel DWvK binnen uw netwerk:


Blijf op de hoogte